René Huigen

1962

René (Reinardus) Huigen (Alkmaar 1962) is dichter, schrijver, vertaler en essayist. Hij debuteerde in 1989 met de poëziebundel 'Paleis der ingewanden'. De roman 'De meter van Napoleon' vormde in 1988 zijn prozadebuut.

Een korte tijd lieerde hij zich aan de Maximalen, maar zocht al gauw zijn eigen poëticale weg. De dichter heeft inmiddels een ruim dozijn titels op zijn naam staan, waarvan het goed deel bestaat uit dichtwerk. Als lid van de Maximalen verzette hij zich in 1988 tegen de gevestigde poëzie. Die zou "verkouwenaard" zijn, kil en doods. De Maximalen wilden 'straatrumoer'; de letteren moest weer leven worden ingeblazen. De Maximalen bestonden uit een brede groep dichters van uiteenlopend pluimage en het duurde dan ook niet lang eer Huigen zijn eigen weg koos. Zijn centrale poëticale vragen richten zich op de aard van poëzie en de betekenis ervan.

Zijn eerste publicatie 'Wit zwart' (1982) was een bibliofiele uitgave en het zou tot 1986 duren voor hij zijn debuut in het bredere literaire veld maakte met een publicatie in het literaire tijdschrift 'De Revisor'. Een jaar na de beeldenstorm van de Maximalen verscheen zijn officiële debuut 'Paleis der ingewanden' (1989). De titel ervan verwijst naar een heilige offerplaats waar men aan de hand van de ingewanden van offerdieren de toekomst las.

Net als bij religieuze riten, vraagt de ene handeling om de volgende. Naast het werken aan zijn oeuvre, was hij als docent een periode verbonden aan de Schrijversvakschool 't Colofon. In 1997 trad hij op bij Poetry International, was twee jaar later Writer in residence en assistent professor aan de Universiteit van Michigan (Ann Arbor). Weer twee jaar later werd hij benoemd tot hoofdredacteur van het tijdschrift 'Schrijven' – en opnieuw twee jaar lang zwaaide hij er de skepter. De kroon en ambtsketting van zijn dichtersleven zijn de VSB Poëzieprijs-nominatie voor 'Geen muziek & geen mysterie' in 2004 en de keuze uit zijn gedichten 'Fysica voor dichters' (2007). De Portugese vertaling van 'Steven!' (2005) die in 2008 bij Assírio & Alvim verscheen en 'Levenskunst voor jonge mensen' (2011) zijn nieuwe ringen om zijn be-inkte vingers.

Inspiratie vond Huigen vooral bij gedachtegoed van dichters en denkers dan bij dichtwerken. In een interview op De Contrabas noemde de dichter Heideggers essay 'Poetry, Language and Thought' , Eliots 'The Metaphysical Poets' en Borges' 'This Craft of verse' teksten die hem verder brachten. Net als die laatstgenoemde dichter zoekt Huigen niet al te zeer het experiment: bij het literaire spel is het ook belangrijk om betekenis over te brengen. Overeenkomsten tussen de Argentijnse meester en Huigen, met name in zijn latere werk zijn de helderheid, de filosofische toon en de 'ik' die in veel van zijn gedichten zit.

Naast zijn dichterlijke werk, schrijft Huigen ook proza. Zijn prozadebuut is de roman 'De meter van Napoleon' (1988). Zijn essays verschenen onder andere in tijdschriften als Tirade, De Revisor, Hollands Maandblad, De Held, Maatstaf, Bzzlletin en in Trouw.

Laatst gewijzigd op 31 oktober 2013 door Gina van den Berg

Opnames

Bibliografie

Wit zwart (Uitgeverij Ergo (bibliografische uitgave), 1982)
In de lucht (eigen beheer, 1983)
Op een trekschuit mee (Bijwaard, 1983)
Onder een prop gorgelen (Bijwaard, 1983)
Lang en breed (eigen beheer, 1985)
De meter van Napoleon (In de Knipscheer, 1988)
Paleis der ingewanden (In de Knipscheer, 1989)
Terra Incognita (In de Knipscheer, 1990)
Dood is ook een leven (In de Knipscheer, 1992)
Hartsoeker (In de Knipscheer, 1994)
Laatste gedichten (Voetnoot, 1994)
Tegen de vlakte (Uitgeverij Veen, 1997)
Monument voor een verzonnen dichter (Uitgeverij Veen, 1999)
Faustine (Uitgeverij Veen, 2000)
Geen muziek & geen mysterie (Uitgeverij Veen, 2003)
Steven! (De Bezige Bij, 2005)
Fysica voor dichters (De Bezige Bij, 2007)
Woudman (De Bezige Bij, 2010)
Levenskunst voor jonge mensen (De Bezige Bij, 2011)

Links